Zet 'm op, Blue Wave!
Wat een feest, op Curaçao. De halve bevolking liep er in het blauw en geel rond en de blijdschap op straat was 24 uur per dag net zo groot als die ene dag in de Amsterdamse grachten op 26 juni 1988.
Telegraaf 9 juni
Het kan dus domweg niet. Of laat ik het zo zeggen: de kans dat Oymyakon in Oost-Siberië, het koudste dorp op aarde waar het in januari overdag gemiddeld 36 graden vriest, door een hittegolf wordt getroffen is groter (ik wilde eerst schrijven dat de kans dat het gezonde verstand bij Rob Jetten terugkeert groter is, maar je moet altijd iets van een mogelijkheid open houden).
En toch, hè. En toch hoop ik van ganser harte dat het nationale team van Curaçao na de eerste ronde van het WK Voetbal nog in de strijd zal zijn. Toegegeven, het zou met alle voetbalwetten spotten. Eerste wedstrijd: Duitsland, titelkandidaat. Tweede wedstrijd: Ecuador, in de Zuid-Amerikaanse voorronden beter dan Brazilië. Derde wedstrijd: Ivoorkust, dat vorige week nog van een andere favoriet van het wereldkampioenschap won, te weten Frankrijk.
Ga er maar aan staan, als de kleinste WK-deelnemer ooit (Curaçao heeft 185.000 inwoners, 0,0022% van de wereldbevolking, het doet mij zomaar denken aan Rob Jettens bijdrage van 28 miljard euro aan de bestrijding van de klimaatverandering). Maar wonderen bestáán, geloof me. Bel het Medisch Bureau van Lourdes (CMIL) maar. Daar hebben ze sinds de negentiende eeuw tot nu toe zeventig onverklaarbare gevallen genoteerd. Botbreuken die binnen in een uur aan elkaar groeien, dat soort dingen. Daar kan dus best een 71ste wonder bij: Curaçao door naar de volgende ronde. Al zou dat het equivalent zijn van de spontane genezing van een verbrijzelde bekkenfractuur.
Ach, laat me even.
Ik heb mijn hart nu eenmaal aan Curaçao verpand.
Ik verbleef er, de afgelopen twee weken. Sterker nog, ik verbleef er in het hotel waar Team Curaçao eveneens vijf dagen logeerde voordat het maandag naar het trainingskamp in Boca Raton (Florida) vertrok. Daar, in Boca Raton, heb ik óók weleens gelogeerd. Met mij liep het toen heel goed af. Ze heette Dolly en toen ik daarover aan onze Curaçaose beachbar in het bijzijn van Dick Advocaat klassiek manosferisch zat te pochen (we go way back, Dick en ik, ik heb hem zelfs nog uit hoofde van mijn toenmalige functie als een driftige middenvelder zien acteren bij Roda JC), noteerde hij dat toch even in zijn peptalkboekje. Beter iets dan niets, nietwaar. En Dolly had iets.
Wat een feest, op dat heerlijke Caraïbische eiland. De halve bevolking liep er in het blauw en geel rond en de blijdschap op straat was 24 uur per dag net zo groot als bij ons op die ene dag op 26 juni 1988 in de Amsterdamse grachten nadat we Europees kampioen waren geworden. En wat een leuke gasten, die Curaçaose voetballers. Ze zagen weliswaar allemaal het levenslicht in Nederland, maar hun verbondenheid met het eiland van hun (voor)ouders is groot en als ze ook maar even naast hun schoenen dreigden te gaan lopen greep Dicky succesvol in. En ze dansten de hele dag, met gebruikmaking van hun ghettoblasters.
Hoe leuk voetbal kan zijn realiseerde ik mij op Curaçao weer.
Het is inmiddels ernstig met mij gesteld hoor, vergis je niet: ik weet zelfs niet meer welke ploeg ik zou aanmoedigen als Oranje tegen Curaçao zou spelen.
Nou ja, eigenlijk weet ik het wel.
Zet ‘m op, Blue Wave!Te veel gedoe bij de betaling? iDeal is er ook, zowel voor een abo als voor een donatie. Klik op een van onderstaande buttons. Desgewenst wordt naar evenredigheid toegang tot de betaalde Substack-inhoud verleend.
Er is een gat in de betaalmuur. Na drie verwijzingen mag je een maand naar binnen, na zeven verwijzingen drie maanden, na twaalf verwijzingen een half jaar.
Uiteraard behoort een abonnement op de Telegraaf ook tot de mogelijkheden. Klik op onderstaande button.





Heerlijk stukje, Rob. Moest je weer zonodig mee op de foto? En dan net doen of je naar een vogeltje kijkt.