1 september
Tasten in het duister bij The Whisper Man
Robert de Niro en Michael Keaton samen in één film: de kans om daar getuige van te zijn laat de ware filmliefhebber natuurlijk niet lopen. En wat ook best lekker is met dit pokkenweer: je hoeft er het huis er niet voor uit. The Whisper Man, zoals-ie heet, is een Netflix-productie en kan dus gewoon op de kwelbuis worden bekeken.
Anderhalf uur nadat ik op Play heb gedrukt - schandelijk: een oude witte man beheert bij ons thuis de afstandsbediening en rekent er daarnaast onbarmhartig op dat zijn wederhelft het bijbehorende kopje thee onderdanig serveert - ontwikkelt zich in onze huiskamer de volgende dialoog.
„Zeg schat, heb ik soms per ongeluk de eclipsbril van die zonsverduistering van een paar weken terug opgezet?”
„Je draagt je gewone bril, gekkie.”
„Zou ik dan blind worden?”
„Haha, nee hoor.”
Omdat ik mijn onvrede over een belangrijke eigenschap van The Whisper Man op dat moment reeds meerdere malen al zo uitvoerig scheldend en tierend onder woorden heb gebracht dat ik mij daarna telkens gedwongen voelde om de film minstens vijf minuten terug te spoelen, weet mijn wederhelft precies waar ik op doel: het feit dat met name in de slotfase van deze thriller, maar ook al in de eerste scenes, zo weinig belichting is gebruikt dat nauwelijks is waar te nemen wat de acteurs uitvoeren en/of op welke locatie zij zich bevinden. Je tast regelmatig volledig in het duister.
Het is een trend, ik weet ‘t. Met name in spannende films van het kaliber van The Whisper Man - verfilming van een bestseller van de Britse schrijver Alex North uit 2019 - wordt de laatste tijd veel regelmatiger dan vroeger low-key lighting (weinig hoofdlicht, veel schaduw) gebruikt om meer sfeer en beklemming te creëren.
Tegenwoordig is dat technisch allemaal mogelijk. Moderne digitale camera's vangen ook bij weinig licht veel details op en regisseurs maken daar gretig gebruik van. Steeds vaker kiezen zij ervoor om met 'natuurlijk' licht te werken, bijvoorbeeld een enkele lamp op tafel of kaarslicht.
In een donkere bioscoop kan dat goed werken. Maar op een doorsnee televisie vallen al die subtiele details in de schaduwen weg. De huiskamer is doorgaans verlicht en bovendien wordt een videobestand, ter besparing van data, gecomprimeerd wanneer een streamingsplatform zich erover heeft ontfermd. Juist de donkere scènes lijden eronder: het beeld verandert al snel in een grote, zwarte vlek.
Je zou dus mogen verwachten dat de makers van The Whisper Man - de Nieuw-Zeelandse regisseur James Ashcroft en de gebroeders Joe en Anthony Russo van productiemaatschappij AGBO - zich daar goed van bewust waren toen zij met hun geldschieter in zee gingen. Het gaat hier immers om een verfilming die door Netflix is gefinancierd en in ruil daarvoor níet in de bioscopen wordt vertoond, maar uitsluitend bij Netflix zelf.
Maar nee hoor.
Wat zegt u, mevrouw?
Of ik Robert de Niro en Michael Keaton daadwerkelijk ook heb gezien?
Af en toe.3 september
Nee, David van Weel, het is juist héél Nederlands
Dat wij een narcovolk zijn lijkt nog altijd niet geheel en al tot iedereen doorgedrongen. Nog steeds zetten zelfs gerenommeerde duiders ons graag neer als een kneuterig calvinistenvolk met een spruitjesmentaliteit. Dat is allang niet meer het geval. Weet u hoe mijn gemeente weleens wordt genoemd? Medellin aan Zee. Al moet ik daar wel meteen aan toevoegen dat die gemeente sinds 1 januari 2001 uit acht dorpskernen bestaat en dat ze in de dorpskern waarvan ikzelf al veertig jaar deel uitmaak weliswaar niet vies zijn van ontremmende middelen, maar dat ze die doorgaans, als ware vissersnazaten, liever via de bierpomp dan via een sealtje met witte poeder tot zich nemen. Elders, echter…


