De beloega mag van de Derpers geen tweede Fungie worden
Moeten we van Egmond een soort Dingle maken? Ik vroeg het in strandpaviljoen De Uitkijk en werd nog net niet met pek en veren het dorp uitgejaagd. En: was 'Fuck you, boomer' geen beter motto geweest?
Telegraaf 27 januari
Bekentenis: wie tot voor kort in een gesprek met mij over een beluga was begonnen - of over een beloega, zoals je de naam volgens het Groene Boekje behoort te schijven - zou mij daarmee in de eerste plaats hebben doen denken aan een beroemd Maastrichts restaurant, dat nu overigens - andere chef, andere naam - Beluga Loves You heet. Dat hij ook een soort walvis is, zou ik mij daarna pas hebben herinnerd.
Ter lering: ondanks het feit dat hij zijn hele leven in zee doorbrengt is de beloega geen vis. Hij is een warmbloedig zoogdier met longen in plaats van kieuwen, levendbarend wanneer het een vrouwelijk exemplaar betreft (ik kan mij vergissen, maar transbeloega’s bestaan bij mijn weten niet), en het nageslacht voedend met moedermelk. En nu zwerft er voor het eerst sinds 1966 eentje voor de Noord-Hollandse kust rond, waar ik het fraaie witte beest zelf mocht spotten.
Fascinerend was dat. Ik had een wandeling met het onweerstaanbare Portugese Kreng op het strand van Egmond aan Zee achter de rug, beklom een steil pad naar de top van een duin en stuitte daar op een jong stel dat met joekels van verrekijkers en camera’s met gigantische telelenzen de Noordzee beneden afspeurde.
„Ja! Links!” riep een van hen plotseling al wijzend.
En verdomd, toen zag ik ‘m eveneens, een stevig exemplaar van de zeekanarie zoals-ie ook wel wordt genoemd omdat hij zoveel verschillende geluiden kan maken: een meter of 150 uit de kust, terwijl hij af en toe boven water kwam om adem te halen. Magisch.
Hoe dat stel op die plek terecht was gekomen werd mij alras duidelijk: er is speciaal voor deze beloega, die eerder bij Julianadorp en Callantsoog werd gesignaleerd, een appgroep in het leven geroepen, waarvan de leden onderling hebben afgesproken dat zijn locatie terstond wordt verspreid wanneer het dier is gespot.
En zo kon het gebeuren dat er een half uurtje later geen twee, maar zeker zestig spotters op dat duin stonden, met foto- en filmapparatuur en verrekijkers waarvan de totaalwaarde in de tonnen moest lopen. Er bevonden zich zelfs Belgen onder hen en ze waren allemaal net zo lyrisch als de groep vogelaars die een jaar geleden op Texel voor het eerst in de geschiedenis een brileider kon waarnemen, die uiteraard ‘Brillie’ werd gedoopt.
En laten we wel wezen: het IS ook bijzonder.
Ik herinner mij Fungie, de dolfijn die vanaf 1983 37 jaar lang, tot oktober 2020, solitair bij het vissersdorp Dingle in co. Kerry, Ierland, leefde. Hij groeide uit tot een ware toeristische attractie toen bleek dat hij de aandacht die hij kreeg wel op prijs stelde. Fungie zette Dingle, dat in de jaren zeventig wereldwijd al bekend was geworden toen het als decor voor de film Ryan’s Daughter met onder anderen Robert Mitchum fungeerde, wederom op de kaart.
Ik besteedde een reportage aan Fungie en constateerde dat hij dagelijks honderden internationale bezoekers trok. Er werden zelfs boottrips naar hem georganiseerd. Dat er in de haven een standbeeld voor Fungie werd opgericht nadat de lokale autoriteiten zich ervan hadden vergewist dat hij niet meer onder ons was, is begrijpelijk.
Stel, de beloega keert niet meer terug naar de Noordpool en blijft hier.
Moeten we dan een tweede Dingle van Egmond maken?
Ik stelde de vraag in strandpaviljoen De Uitkijk en werd nog net niet met pek en veren het ‘Derp’ uitgejaagd.
Telegraaf 29 januari
Was ‘Fuck you, boomer’ geen beter motto geweest?
Schaapjes tellen, zeggen ze altijd. Onderzoeken tonen weliswaar telkens aan dat je er geen seconde eerder van indommelt, maar mijn moeder adviseerde het als ik de slaap niet kon vatten, háár moeder adviseerde het en mijn zesde echtgenote adviseerde het eveneens (al kan het ook mijn zevende geweest zijn, ze was in elk geval afkomstig uit de Bijbelgordel en wilde steeds dat ik zo snel mogelijk in slaap viel zodat ze van Dat Hele Erge was verlost).
Toch weet ik al 24 jaar een veel beter middel om in dromenland te geraken: onmiddellijk na het uitzetten van het bedlampje de titels van de regeerakkoorden vanaf het moment dat die plannen voor het eerst van zo’n motto werden voorzien aan je voorbij laten gaan.
Voor Balkenende 1, dat ermee begon, was dat ‘Werken aan vertrouwen, een kwestie van aanpakken’, voor Balkenende 2 werd het ‘Meedoen, meer werk, minder regels’, Balkenende 3 bleef van 2006 tot 2007 mottoloos omdat het toen om een minderheidskabinet ging waarmee een periode naar nieuwe verkiezingen moest worden overbrugd, Balkenende 4 koos voor ‘Samen werken, samen leven’.
Voor Rutte 1 verzonnen ze vervolgens ‘Vrijheid en verantwoordelijkheid’, voor Rutte 2 ‘Bruggen slaan’, voor Rutte 3 ‘Vertrouwen in de toekomst’ en voor Rutte 4 het alleen al om taaltechnische redenen schrikbarende ‘Omzien naar elkaar en vooruitkijken naar de toekomst’ (de laatste drie woorden zijn overbodig, óók omdat je moeilijk naar het heden en verleden vooruit kunt kijken).
Wilt u het motto van Schoof 1 nog weten?
Ik ook niet.
Hoe dan ook begon ik bij Balkenende 4 reeds onstuitbaar te gapen en gingen bij Rutte 2 de luikjes definitief dicht.
Ik dacht eraan toen het mij gegund werd te vernemen dat Rob Jetten, Dilan Yesilgöz en Henri Bontenbal eruit zijn en ter afsluiting de titel voor het regeerakkoord prijsgaven: ‘Aan de slag’.
Bij mij gaat het trouwens altijd precies andersom: eerst de titel, dan de inhoud. Zo bazuin ik al jaren rond dat ik van plan ben de erotische bestseller ‘De hooiberg van Wubbeltien’ te schrijven, maar wegens herinneringsgerelateerde omstandigheden ben ik nog steeds niet verder dan de titel gekomen.
Maar goed, het motto van Jetten 1 is er, dáár gaat het nu om.
Wat dient zo’n motto over het algemeen te zijn? Een korte, pakkende samenvatting van de ambities en prioriteiten waarmee de coalitiepartijen iedere keer weer daadkracht wensen uit te stralen. En dat is dus nog nooit gelukt. Ze kwamen ook ditmaal weer met iets oersaais aanzetten, dat bovendien na verloop van tijd, als het goed gaat, aan waarde zal inboeten. Als je na een paar jaar nog ‘aan de slag’ moet, is er iets behoorlijk misgegaan.
Ik schiet Rob Jetten daarom voor één keer te hulp met een tip: gooi ‘Aan de slag’ alsnog in de prullenbak.
Maak het spannender, Robbie!
Het is 2026, man!
Denk aan ‘Fuck you, boomer!’ als je wil verwijzen naar wat je allemaal op en via de ouderen wil bezuinigen, aan ‘Het zal ons een zorg zijn’ wanneer je van de verwaarlozing van de zorg het hoofdthema wenst te maken, aan ‘Jaaaah, 0,00037%, dát is het streven!’ indien je het klimaat in de titel wil verwerken en aan ‘Migraine van migratie’ als je toch nog voor de vluchtelingenproblematiek kiest, iets wat je nu, tot veler verbijstering, hebt laten liggen.
Let maar op: daar wordt dan veel langer over gesproken.
Te veel gedoe bij de betaling? iDeal is er ook, zowel voor een abo als voor een donatie. Klik op een van onderstaande buttons. Desgewenst wordt naar evenredigheid toegang tot de betaalde Substack-inhoud verleend.
Er is een gat in de betaalmuur. Na drie verwijzingen mag je een maand naar binnen, na zeven verwijzingen drie maanden, na twaalf verwijzingen een half jaar.
Uiteraard behoort een abonnement op de Telegraaf ook tot de mogelijkheden. Klik op onderstaande button.





Een pakkende kabinetstitel die geschikt is voor hergebruik? "Wij hebben ze weer verneukt...."